Marketeers van de dood

Alles in dit vertrek ademde leven. Het haardvuur verwarmde de kamer. Op tafel stond een boeket in volle bloei. Een leeslampje bescheen de sofa.

Alles in dit vertrek ademde leven, behalve Lucy Franke. Die ademde op de sofa langzaam maar zeker de dood in.

Overigens had ze zich daar niet zo’n sfeervol decor bij voorgesteld. Ze wist uit ervaring dat sterven een ongezellige aangelegenheid was. Er kwam geen romantiek aan te pas, zoals in de film. Het was een tochtige, kille aftocht naar de volgende dimensie.

Ze tuurde in de haard. Iedereen die ze tijdens haar korte leven had zien overlijden, had dat in een ziekenhuis gedaan. Misschien was haar beeld van de dood daardoor verknipt geraakt. Waarschijnlijk sprak het eeuwig afscheid in andere omstandigheden veel meer tot de verbeelding.

Terrorisme was tegenwoordig de dankbaarste doodsoorzaak. Zo was over ieder slachtoffer van de aanslagen in Parijs een persoonlijke tweet geschreven, inclusief foto en slogan. Ze waren direct na hun dood symbool komen te staan voor het westerse wereldbeeld. Nietsvermoedende mensen waren martelaren geworden. Alleen maar door op een terrasje te zitten.

Zonder er iets voor te doen gaven ze de politiek een doorslaggevend argument om bommen te werpen. Die bommen daalden kort daarna neer op mensen die er evenmin voor hadden gekozen om voor een ideologie te sterven. Ook zij zouden een martelaarsstatus bereiken. In naam van hun dood zouden er nieuwe aanslagen gepleegd worden – liefst op mensen die niet actief partij hadden gekozen.

Lucy sloot haar ogen. Als je niet kiest wordt er voor je gekozen. Jaren eerder had ze dat regeltje opgevat als een drijfveer om zelfredzaam te leven. Destijds besloot ze om altijd bewust te kiezen en nu had ze ook haar sterfdag zelf uitgekozen. Ze blies haar laatste adem uit, opgelucht dat niemand haar dood als rechtvaardigingsgrond zou gebruiken.

Dat bleek een vergissing. Die avond trof Bernard Franke bij thuiskomst het lichaam van zijn echtgenote aan in de sofa. Het enige wat ze hem naliet was een briefje waarop stond dat ze zichzelf had laten inslapen omdat zelfbeschikking het hoogste goed was. Een punt waar hij het zijn hele leven principieel mee oneens was geweest.

De volgende ochtend kwamen vijftien medewerkers van een nabijgelegen slaappillenfabrikant om bij een schietpartij, waarna de dader – een kersverse weduwnaar – ook zichzelf van het leven beroofde. Naar verluidt verdrongen de politieke partijen elkaar om de aanslag te veroordelen en de nationale veiligheid aan de kaak te stellen, terwijl de terroristische organisaties in de rij stonden om het bloedbad op te eisen.

Ondertussen woedden op redacties door het hele land verhitte discussies over wie men het woord zou geven. De marketeers van de dood hadden vele slachtoffers op hun geweten.

 

Lees ook Phileyne, een ander kort verhaal met een twist.